Door bladerloze bomen bladeren

Een man van minimaal tachtig zet zijn elektrische fiets tegen de plataan. Hij heeft zo’n petje op dat oudere mannen dragen om de kale plek op hun hoofd warm te houden. Hij ziet me kijken en wijst. ,,Er zit een eekhoorn in de boom.”
Onmogelijk. De enige eekhoorn hier in de buurt is die opgezette versie bij ons op de schouw. En toch volg ik zijn blik. De bomen zijn in deze tijd van het jaar bladerloos. Je zou zeggen dat we enig teken van leven meteen zouden zien.

,,Wat doe jij daar in die boom?”, fluistert de man. Hij praat tegen een eekhoorn zoals ik tegen honden praat. Kinderlijk en onbewust hoopvol op een korte dialoog of een teken van begrip. Maar de eekhoorn doet niet mee aan dit verhaal.

Na een aantal minuten zwijgend staren besluit ik het te vragen. ,,Maar er zit toch helemaal geen eekhoorn?”

,,Nee dat klopt”, zegt de man zonder een greintje sarcasme. ,,Maar je hebt wel al vijf minuten naar deze boom gekeken en dat is mooi meegenomen.”

De man schrikt van de verbazing op mijn gezicht en komt met een zin als verklaring voor zijn leugen: ,,Mensen kijken te weinig naar bomen. Mijn kleinzoon kan wel langs vrouwelijk schoon swiepen maar kan nog geen beuk van een berk onderscheiden.”

,,U bedoelt swipen”, zeg ik.

,,Ja, swaipen ja.”

We kijken allebei naar zijn fiets die nog steeds tegen de plataan staat. Er zit kak tussen het profiel van zijn voorband.

Ik weet helemaal niks van bomen, moet ik concluderen. Dat dit een plataan is denk ik te weten omdat dit de Plataanstraat is. De man draagt een lange beige jas met daaronder een trui over een blouse. Het zit niet allemaal even recht, wat doet vermoeden dat hij niet door zijn vrouw is aangekleed.

Een oude, eenzame man op zoek naar dialoog. Ik heb er een zwak voor. Ik weet precies wat eenzaamheid is, ik voel het al als ik eerder thuis kom van werk dan mijn wederhelft (en ik weet dat ik dan eigenlijk geen recht van spreken heb).

,,Wat kunt u mij dan vertellen?”

De oude man lijkt blij te zijn met mijn vraag. Zijn mondhoeken krullen om zijn rode neus en maken van zijn mond een brede U. ,,Wat is dit voor boom?”, vraagt hij.

,,Een plataan.”

,,Kijk daar gaat het dus al mis. Een plataan is te herkennen aan zijn gladde schors die makkelijk loslaat. De stam lijkt daardoor een soort pigment verschil te hebben.”

De diepe stem van de man dwingt luisteren af en maakt van iedere zin een verhaal op zich.

,,De takken van een plataan groeien altijd in een minimale hoek van 45 graden en geven de boom iets mee van een atleet die juichend over de finish rent. Deze boom wil juist graag in de breedte groeien. En dat is het kenmerk van een eik.”

De man begint te lopen. ,,De meeste mensen vinden groene bomen het mooist, maar juist in de winter zie je de structuren van de houten schepsels het best.”

,,Kijk, een es. De luie laatkomer van de lente. Begint pas bladeren te krijgen als het hele bos al bloeit.”

,,Daar, de trotse beuk. Als er een mannenmagazine voor bomen was dan was dit het model op de cover. Of een Amerikaanse linde, een buitenlandse huurling maar zeer welkom bij heet weer op de juiste plek. Fijne geur ook. Veel beter dan welke notenboom ook.”

Deze man praat over bomen als zijn kleinzoon over chickies, vermoed ik. Bladert met hetzelfde enthousiasme door zijn bangalijst als deze man door zijn bomenboek.

,,Wat vindt u de mooiste boom?”, vraag ik.

,,Alle bomen zijn mooi. Maar als mijn vrouw een boom zou zijn, dan zou het een Italiaanse els zijn. Lang en slank, met een elegant buigende stam.”

De laatste keer dat ik vrouwen met bomen heb vergeleken kan ik me niet herinneren. Voor zijn kleinzoon zullen alle vrouwen kerstbomen zijn, vermoed ik. Vanwege dat versieren snap je?

Mijn gedachten gaan uit naar alle bomen die ik achteloos voorbij ben gelopen. Ga bomen met vrouwen vergelijken en je vindt ineens dat ze meer aandacht verdienen. Eigenlijk zou het feit dat ze voor onze zuurstof zorgen ook al voldoende moeten zijn misschien. Mijn onwetendheid over de boom voelt misplaatster dan ooit.

Eenmaal thuis besluit ik dat het zo niet langer kan. Ik ben begonnen aan een thuisstudie bomen herkennen. Die ambitie heeft wel een bijkomend nadeel:

Sinds ik meer naar bomen kijk, trap ik regelmatig in de kak.

 

Eén gedachte over “Door bladerloze bomen bladeren”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *